Klippen van Moher

Er is geen toerist in Ierland die de klippen van Moher niet kent. Het is een van Ierlands meest prominente kenmerken; iets waar ze terecht fier op zijn.

In de zomer van 2008 dwaalde ik met twee reisgenoten langs de westkust van Ierland. Een lieve dame genaamd Sue had ons in huis genomen en regelde ons een lift naar Lahinch, terwijl onze rugzakken veilig bij haar thuis bleven. Lahinch is een dorp aan de kust, enkele kilometers ten zuiden van de klippen. Van in het centrum is er één weg die noordwaarts leidt, met de nodige bochten tot bij de bezoekersparking.

Lekker vroeg in de ochtend stonden we in Lahinch. Met volle moed begonnen we aan de wandeling naar de klippen die, volgens Sue, amper enkele kilometers lang was. Niet dus. Tien kilometer legden we af op de asfalt van een druk bereden weg. Voor mij was dat voldoende om flink pissig te worden. Ik loop immers liever in een eenzaam bos dan op een weg waar de ene na de andere toeristenbus je inhaalt.

Toen we dan uiteindelijk bij de klippen kwamen, zagen we parkings vol bussen, een druk bezoekerscentrum en een keurig betonnen muurtje dat er voor zorgt dat je niet van de klippen valt. Hoewel het uitzicht prachtig was, voelde het ook wat tam aan.

Na wat rondgelopen te hebben, ontdekten we dat waar het bezoekersgedeelte stopt, een pad langs de klippen loopt. Het was dan ook snel beslist dat we dat pad, dat op de rand van de klippen tot in Lahinch loopt, terug zouden nemen. We negeerden het waarschuwingsbord met het nummer van de zelfmoordlijn, hopten over het muurtje en liepen het pad op.

“Om eerlijk te zijn was onze wandeling op de rand van de klippen een van die dingen waar je later van denkt: ‘hoe heb ik dat ooit in mijn hoofd gehaald?’” De klippen zijn ruim 200meter hoog, en er is geen bescherming tussen jou en afgrond. Op sommige plekken loopt het zandpad op amper enkele tientallen centimeters van de afgrond. Je hoeft maar te struikelen om van het zicht van de aarde te verdwijnen.

En toch is die wandeling ook een van de mooiste herinneringen die ik heb aan Ierland. De zon scheen, er was geen zuchtje wind (gelukkig) en het uitzicht was ongeëvenaard. Vaak hielden we stil om gewoon wat te zitten, onze beentjes over de rand, en te kijken. We namen foto’s, rustten wat en waren stil. Wat valt er te zeggen als je zoiets moois ziet?

Toen we later in Lahinch weer werden opgepikt en naar Sue’s huis werden gebracht, waren we alle drie kapot. De wandeling heen was al intensief geweest, maar was niets vergeleken met de wandeling op de klippen zelf. Je moet zo hard opletten waar je je voeten neerzet, dat je al snel doodop bent.

Jaren later keerde ik terug naar de klippen, deze keer met manlief. Er stond storm en ondanks het feit dat we 200meter boven de zee stonden, vloog het schuim ons om te oren. Het bezoekerscentrum was dicht en de klippen waren enkel te betreden op eigen risico. Manlief en ik liepen tot bij het betonnen muurtje en zagen hoe een inktzwarte zee met witte schuimkoppen tegen de klippen beukte. Ik toonde manlief het pad dat ik zovele jaren ervoor bewandeld had en hij verklaarde me gek. Ik probeerde nog de term ‘bad-ass’ maar hij hield het bij ‘gek’.

Ook al klinkt het erg mooi en eenvoudig om op de klippen te lopen, de wandeling kan echt heel gevaarlijk zijn. Zelfs onder goede omstandigheden, zoals weinig wind en geen regen, hoef je maar te struikelen om honderden meters naar beneden te vallen. Denk dus goed na voor je deze wandeling overweegt.
Om je bezoek naar de klippen van Moher te plannen, kijk je best even op hun website. Zo ben je op de hoogte van de openingsuren van het bezoekerscentrum, weet je wanneer er extra activiteiten zijn of wanneer het te gevaarlijk is de klippen te betreden.
No Comments.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *