Eén van de Europese Fietsroutes leidt langs Innsbruck.

Innsbruck: stad in de winter

Het is hartje winter wanneer ik in Innsbruck aankom. De omliggende bergen hebben besneeuwde toppen en een koude wind waait door de straten. Het is druk in de stad. Zakenlui haasten zich naar het werk, dagjesmensen slenteren langs de winkels en skiërs begeven zich met hun latten op de schouders richting de bergen.

Het is dat levendige, die mix van urban en berg, waar ik zo dol op ben. Zelfs wanneer ik in het midden van de stadse drukte sta of in het midden van het historische centrum, altijd zie ik in Innsbruck de bergen.

Innsbruck

Het gouden dak van Innsbruck

Om Innsbruck te begrijpen, moet je de geschiedenis van de stad bekijken en dus neem ik een stadsgids onder de arm en samen dwalen we door de straten. Innsbruck is een oude stad. Gebouwd op een kruispunt tussen Noord- en Zuid-Europa.

Al in de oertijd woonden er mensen in het Inntal, waar Innsbruck nu ligt, maar de stad bloeide pas op in de middeleeuwen. Onder het bewind van de Habsburgers, en dan vooral onder keizer Maximiliaan I, groeide Innsbruck uit tot een belangrijk politiek centrum met banden in heel Europa.

De geschiedenis van Innsbruck is vooral voelbaar in de Altstadt, het historische centrum. Mijn gids wijst me op de oude curve van de stadsmuur, toont me de Hofburg en de Hofkirche en het iconische gouden dak. Hoewel er nu moderne winkels en restaurants huizen in de historische gebouwen, is het niet moeilijk om me in te beelden hoe de stad er moet uitgezien hebben in de middeleeuwen.

Het gouden dak

Schloss Ambras

Met de bus reis ik in een half uurtje naar de buitenwijk Amras. Hier vind ik Schloss Ambras, een andere stille getuige van de geschiedenis van Innsbruck. Het kasteel ligt op een heuvel, omringd door een groen park. Het is hier opvallend stil. Alsof ik niet op de rand van een wereldstad sta, maar in diepe bossen.

Schloss Ambras is een van die kastelen die in de loop der eeuwen verschillende keren vernietigd en weer opgebouwd werd. Het huidige kasteel werd in de 16e eeuw gebouwd door Aartshertog Ferdinand II in de renaissancestijl. Ferdinand II bouwde verschillende ruimtes in het kasteel waar hij zijn kunst- en wapencollectie tentoon kon stellen, wat het kasteel het oudste museum ter wereld maakt.

Zodra ik door de poorten van Schloss Ambras stap, besef ik dat ik te weinig tijd heb om alles rustig te bekijken. Er is zo veel te zien. Kunstgalerieën, een wonderkamer, een immense collectie harnassen: ik kom ogen te kort. Vooral de Spaanse zaal, met zijn met hout ingelegde plafond, zijn sierlijke vloer en de levensgrote portretten aan de muren, vind ik prachtig. Voor ik doorreis, neem ik me voor om een keer terug te komen en een hele dag in het kasteel en aanpalende park door te brengen.

Schloss Ambras Innsbruck
De Spaanse zaal

Bergisel skischans

De bergen zijn nooit ver weg in Innsbruck. Met de tram rijd ik naar het zuiden van de stad, waar de Bergisel Skischans staat. Hier ontmoet ik Martin, een skischansspringer uit de streek. Martin leidt me met foto’s en veel gebaren door de geschiedenis van de skischans. Zijn enthousiasme is verdomd aanstekelijk. Hoewel ik maar weinig weet over skiën – laat staan over skischansspringen – voel ik hoe de sport hier leeft.

Na een grondige rondleiding brengt Martin me naar de top van de skischans. Een plaats die normaal enkel gereserveerd is voor de atleten. Hier heb ik een weids uitzicht over Innsbruck en de bergketen Nordkette in het noorden. En over de skischans.

Bergisel

Met een veiligheidsharnas aan, en mijn hand stevig om die van Martin geklemd, ga ik bovenaan de schans staan. Ik ga bijna door mijn knieën, geveld door een plotse aanval van hoogtevrees, maar ik bijt door en centimeter voor centimeter schuif ik over een dun bankje. Dit is het bankje waarop de atleten wachten op het startsein voor hun sprong. Dit is de plek waar de schans en heel Innsbruck aan hun voeten ligt. Met bevende handen neem ik een foto, om dan snel weer naar vaste grond te schuifelen.

De hele ervaring is overweldigend en ik heb een hartversterkertje nodig om dit te boven te komen. In het restaurant op de top van de skischans bestel ik een kop warme chocomelk met een toef slagroom én een punt huisgemaakte taart. Wat een plek. Wat een ervaring.

Bergisel

De Olympische IJsbaan

Alsof ik nog niet genoeg adrenaline heb gehad, rij ik met de bus een stukje hoger de berg op, naar het dorp Igls, de thuis van de Olympische IJsbaan voor bobsleeën. Ik weet niet goed wat ik moet verwachten. Bobsleeën is een olympische sport en dit is een Olympische IJsbaan. Dat kan ik toch helemaal niet?

De sfeer op de ijsbaan is vrolijk en een tikje gespannen. Ik ben niet de enige die een ritje met de bobslee komt maken, er zijn families met kinderen, bedrijfsuitstapjes en vriendengroepen. In een rammelende vrachtwagen worden we in groepjes naar boven gebracht en daar krijg ik zonder pardon een helm op mijn hoofd gedrukt. Voor de zekerheid.

Bovenaan de ijsbaan staan logge sledes die nog het meeste lijken op plastic zeepkisten met padding. Hier passen drie tot vijf mensen in. Ik heb geluk en ben meteen aan de beurt. Tezamen met drie andere mensen neem ik plaats in de slee. Beetje onhandig, knieën opgetrokken en handen binnenboord. Dan krijgt de slee prompt een duw en glij ik de ijsbaan af.

De Olympische IJsbaan is ruim 1200 meter lang. Ik heb nauwelijks te tijd om me schrap te zetten voor de slee vaart maakt en ik door de g-krachten tegen het frame wordt gedrukt. Wat gaat dit snel. Voor ik het weet, komt de slee schommelend tot stilstaan onderaan de ijsbaan. Volgens een schermpje boven de ijsbaan heeft onze slee ruim 90 kilometer per uur gehaald en dat verbaast me juist helemaal niets.

Een beetje verwaaid en met knikkende knieën – de tweede keer die dag – stap ik uit de bobslee. Weer zoiets dat ik nooit meer zal vergeten.

Bobslee Innsbruck

Het winterse Kühtai

Het gebied Innsbruck omhelst, naast de stad zelf, verschillende omliggende regio’s. Na amper een uurtje op de bus bereik ik vanuit het drukke stadscentrum het rustige Kühtai. Het is koud en er hangende grijze wolken vol sneeuw boven mijn hoofd, maar dat deert niet want ik ben warm aangekleed voor een wandeling met sneeuwschoenen.

Kühtai is niet groot. Een handvol hotels en restaurants en een paar stoeltjesliften. Terwijl skiërs zich uitleven op de pistes ga ik een eindje verder. Met sneeuwschoenen onder mijn voeten gebonden en met een gids die de streek door en door kent, klim ik door de muisstille dennenbossen naar boven.

De stilte van Kühtai is een heerlijke afwisseling met het bruisende Innsbruck. Een herademing. Na een tijdje klimmen kom ik op vlak terrein. Voor mij ligt een komvormige vallei, omringd door hoge pieken. Skiërs glijden door de vallei en klimmen langs de bergflanken omhoog. In de sneeuw zie ik sporen van konijnen en eekhoorns en de gids wijst naar de hoge pieken waar gemzen en steenbokken leven.

Moe, maar uitgewaaid bereik ik een paar uur later het dorp weer. Om te bekomen van mijn wandeling door de sneeuw, schuif ik aan tafel in Kühtaier Dorfstadl voor een sissende portie Gröstl. Want dat heb ik verdiend.

Kühtai

Reis naar Innsbruck

Innsbruck is de hoofdstad van de Oostenrijkse regio Tirol. De stad ligt op ongeveer 850 kilometer van Antwerpen en is met de auto vlot te bereiken. Neem je liever het vliegtuig, dan kan je onder andere met Transavia van Zaventem naar Innsbruck vliegen of met Tui Fly vanaf Deurne. Vlieg je naar Munchen, dan is het maar een uurtje of twee rijden naar Innsbruck.

Ik logeerde tijdens mijn vierdaags bezoek in hotel Stage 12 by Penz, vlakbij de Altstadt. Dit hotel is modern, comfortabel en bijzonder goed gelegen. Tijdens mijn reis verkende ik de stad te voet en maakte ik enkel gebruik van openbaar vervoer en kabelbanen en dit ging allemaal lekker vlot.

Innsbruck

Wie twee of meer nachten in Innsbruck logeert, ontvangt de gratis Innsbruck Welcome Card, waarmee je gratis gebruik kan maken van het openbaar vervoer binnen de stad, gratis kan deelnemen aan verschillende thematische tours in Innsbruck en zijn omgeving, en een aantal bezienswaardigheden gratis of met korting kan bezoeken. Daarnaast gebruikte ik ook de Innsbruck Card, die je kan aankopen voor 24, 48 of 72 uren, en waarmee je gratis of met korting naar verschillende bezienswaardigheden en musea kan en gratis het openbaar vervoer kan gebruiken.

Wanneer je in Innsbruck bent, moet je simpelweg een van de vele goede Oostenrijkse of Tiroolse restaurants proberen. De Oostenrijkse keuken is rijk en smaakt gewoon geweldig na een dagje winterkou. Tijdens mijn bezoek at ik heerlijk in het verfijnde restaurant Weitsicht, dat een geweldig uitzicht over de stad heeft. Maar ik genoot het meeste van mijn bezoek aan het traditionele restaurant Weiβes Rössl in Altstadt. Vingers en duimen. Vergeet ook niet om een stukje taart te eten in het Sky restaurant van de Bergisel skischans. In dit gebouw, een ontwerp van Zaha Hadid, heb je een geweldig uitzicht over Innsbruck.

Innsbruck
Kühtai
Dit artikel kan geschreven zijn in samenwerking met een van onze partners. Dat wil zeggen dat deze reis, dit product of dit artikel gesponsord of deel van een betaald partnership kan zijn, zodat jij kan genieten van gratis reisverhalen en tips.

2 responses to “Innsbruck: stad in de winter”

  1. […] je niet welke stad of regio je eerst wil bezoeken? Lees onze tips voor Ausseerland, Innsbruck, Schladming-Dachstein, Tirol, Karinthië en […]

  2. […] het land op zo veel verschillende manieren leren kennen. Van het zomerse Schladming-Dachstein tot het winterse Innsbruck en nu het rustige […]

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *