Lenggries

duitse urigkeit in lenggries

Move over, hygge! In het Duitse Lenggries draait het allemaal om urigkeit. Gezellige, idyllische charme. Duitse charme. Gasthuizen met een houten interieur, de geur van soep en knoedels in de lucht en dat alles liefst bedolven onder een dik pak sneeuw. Urig!

Lenggries, een klein Beiers gebied bij de Oostenrijkse grens, is gestoeld in traditie. Op de bergflanken staan eeuwenoude houten boerderijen, ’s winters bedekt met sneeuw en ijspegels, ’s zomers met wuivende geraniums op het balkon. Op straat ontmoet je dames in dirndls en heren in lederhosen. De Beierse klederdracht wordt hier nog dagelijks gedragen, maar vooral tijdens feestdagen of op zondag in de kerk kleden veel mensen zich traditioneel.

Maar belangrijker dan klederdracht en eeuwenoude architectuur, is de traditie van gastvrijheid. De mensen van Lenggries ontvangen je met open armen. Zo klein als het gebied is, zo belangrijk ben jij er als gast. Geniet mee van een reis door het Beieren van weleer, in Lenggries.

Urig!

Komen eten!

Het is al avond wanneer ik aankom in gasthuis zum Sagschneider. Ik ben de hele dag onderweg geweest en ik ben moe. Maar ik heb niet de tijd om te rusten, want ik word verwacht is gasthuis Pfaffensteffl voor het diner. Na een snelle douche kruip ik weer de auto in. Hongerig.

In Pfaffensteffl wacht me een goedlachs welkom. Terwijl ik hapje voor hapje geniet van stevige soep en de patatten-groenten-en-vlees waar Beieren bekend om staat, stroomt het gasthuis langzaam vol. Een groep vrouwen schuift aan tafel voor een hapje en een babbel, een kleiner groepje zit rond de keramieken kachel. Af en toe werpt iemand me een nieuwsgierige blik toe. Met mijn Engels val ik natuurlijk op.

De maaltijd is een opkikker. Precies wat ik nodig had. En dat is precies waar het om draait in de Beierse keuken. Stevige, smakelijke kost die je overeind houdt in de bergen. Tijdens de dagen die volgen eet ik in Tölzer Hütte, in restaurant Altwirt en lunchplaats Jaegers. Ik eet telkens weer iets anders, maar dat constante gevoel van genoeglijkheid vormt een rode draad. Geen toefjes en zalfjes, maar vingers en duimen aflikken. Dat is een Lenggries-welkom.

Lenggries

Urigkeit in Pfaffensteffl.

Op de Brauneck

Hoewel de Brauneck niet het hoogste punt is van Lenggries, is het wel de meest beklommen berg. Met zijn 1500meter hoogte is hij al een stevige voorloper van de Alpen. Op de bergtop, die je vlot bereikt met de kabelbaan, ligt een klein skiregebied. Lenggries heeft zo’n 34kilometer aan skipistes. Nee, da’s niet zo groot. Het voordeel is wel dat het er veel rustiger is dan in de grootste skigebieden.

Ik ben geen skiër. Maar mijn hart ligt in de bergen. Dus neem ik de kabelbaan naar de top, op zoek naar wat verse berglucht.
Het dal van Lenggries is gemoedelijk, eerder glooiend. Niks doet vermoeden dat je vanop de Brauneck een schitterend uitzicht hebt over de scherpe Alpen.

Met dat uitzicht op de achtergrond maak ik een korte wandeling door de sneeuw naar de Tölzer Hütte. De winterzon is warm genoeg om op het terras te zitten. Terwijl de obers binnen en buiten lopen met plateau’s vol geurende gerechten, kijken twee Berner Sennen honden toe. Heerlijk ontspannen keer ik later weer terug naar het dorp.

Lenggries

De Tölzer Hütte en zijn fantastische uitzicht.

Wandelen in Schrönbach

Een berglandschap heeft de bijzondere kwaliteit vol verborgen hoekjes te zitten. Met een wandelgids en een paar wandelstokken klim ik een smalle weg op. Wanneer we de top bereiken, wijst de gids naar wat er voor ons ligt. Een smalle vallei, met een snelstromend riviertje. De Schrönbach vallei. In putje winter raakt de zon de rivier nooit. De hele vallei is in schaduwen gehuld, enkel de toppen van de hoogste dennen krijgen een beetje zonneschijn.

Precies daarom is het koud in Schrönbach. De sneeuw op de grond en planten is bevroren en glinstert fel. IJspegels hangen van rotsen en schuttingen. Mijn gids vertelt me dat het maar weinig heeft gesneeuwd de afgelopen weken. Wanneer de winter echt hard toeslaat, dan is zelfs het snelstromende water bevroren.

We volgen het water tot we het einde van de vallei bereiken. Een waterval klettert hier trapsgewijs naar beneden. ’s Zomers, zo vertelt de gids, kan je zwemmen in de diepe, komvormige poelen aan de voet van de waterval.
De nacht valt snel in de bergen. We wandelen stevig door, terug naar de auto. Het lopen brengt kleur in mijn gezicht. Er is niks zo heerlijk als buiten zijn en genieten van een winterwandeling.

Lenggries

Geen straaltje zon bereikt het hart van de Schrönbach vallei.

Kerk en kerkhof: het middelpunt van Lenggries

Het dorp Lenggries is het hart van het gelijknamig gebied. Gasthuizen en winkels staan dicht om de klassieke kerk: pastelkleurige toren en een rijk interieur. De kerk is, zoals gewoonlijk, het middelpunt van het dorp. Het kerkhof errond lijkt stil en sereen, maar dat is niet altijd zo geweest.

In 1634 werd Lenggries overrompeld door de Zweden. De mannen van het dorp stonden jammerlijk op de verkeerde plaats op wacht, en de Zweden bereikten het dorp zonder slag of stoot. Een dorp vol vrouwen en kinderen. De vrouwen openden de graven van het kerkhof, groeven zich in en joegen de Zweden de stuipen op het lijf door gekleed in witte lakens uit de graven te springen.

Lenggries

Een Beiers interieur.

En dat is niet alles dat de mooie kerk verbergt. Wie goed zoekt, vindt hier meer geschiedenis weggestopt in muren en schrijnen. In de zijportalen rusten verschillende beschilderde schedels in nissen. Schedels werden opgegraven wanneer het kerkhof te klein werd in de 18e en 19e eeuw. De familie van de overledene schilderde de identiteit op de schedel, waarna die werd bijgezet in de kerk. Een bijzonder gebruik, dat je maar op weinig plaatsen ziet.

Lenggries houdt zijn geschiedenis, net als zijn tradities, dicht bij het hart. Op sommige plaatsen lijkt het alsof je door een openluchtmuseum loopt. Zo urig! Andere dingen, zoals lokale kunst- en gebruiksvoorwerpen, werden verzameld in het Heimatmuseum. Een bezoek aan het museum duurt een uurtje en geeft je een uniek inzicht in het bergleven van de voorbije eeuwen.

Lenggries

Geboorte- en sterfdatums, namen en zelfs symbolische bloemen en slangen werden op de schedels geschilderd.

Tot snel, Lenggries

Mijn bezoek aan Lenggries is kort. Voor ik het weet zit ik alweer in de auto, met een hoofd vol herinneringen. Onderweg stop ik nog even bij het Sylvensteinmeer. Een stuwmeer, dat tegelijk voor elektriciteit zorgt en het gebied vrijwaart van overstromingen. De helft van het meer is bevroren, en een stel jongeren speelt ijshockey. Het kraken van het ijs echoot tussen de bergen.

Het is windstil. Er is bijna niemand te zien, bijna niets te horen. De zon weerkaatst in het spiegelgladde water. Lenggries ligt al bijna achter me, maar ik kan nog niet helemaal loslaten. Ik ga op de oever van het meer zitten en geniet nog een klein beetje langer.

Lenggries

Het Sylvensteinmeer.

No Comments.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *